Wilt u zorg aanvragen? 020 - 4459755 a a a
Wij zoeken altijd vrienden!
Word nu vriend

Dementie & contact: 16 tips

Graag prettig contact met iemand die dementie heeft? Hierbij 16 praktische:

  1. Mensen met dementie vinden het vreselijk als ze niet serieus worden genomen of behandeld worden als kleine kinderen. Praat dus mèt iemand en niet over iemand.
  2. Stop met testen of overhoren (‘weet je nog wie ik ben?’ of ‘weet je nog wat we gister gegeten hebben?’), dan benadruk je de makken en dat leidt tot een gevoel van falen. Bevestig wat iemand nog wèl kan. Per slot bloeit iedereen daar van op.
  3. Wie dementie heeft kan vaker boos of agressief worden. Dat komt door stress, als iets niet of anders loopt dan gedacht. Geef uitleg bij alles wat u doet en wees ontspannen in uw contact. Wees voorspelbaar. Stel iemand gerust, maak oogcontact, hou de hand vast.
  4. Bewaar afstand bij fysieke agressie. Ga niet in discussie, maar laat zien dat u de boosheid serieus neemt. Verlaat als het niet meer veilig is de kamer, maar sluit dementiepatiënten nooit op. Ook straffen heeft geen zin. Komt dit gedrag vaak voor, praat er dan over met een arts. Medicatie kan in sommige gevallen helpen.
  5. Mensen met dementie vergeten vaak te eten. Zorg daarom voor eten op vaste tijden. Kook eenvoudig, dat is herkenbaar Zet bij het tafeldekken bestek, bord en glazen in duidelijke opstelling op tafel. Zorg ervoor dat alles goed zichtbaar is – een witte mok op een wit tafelkleed zien mensen met dementie niet goed. Help ze waar nodig met opscheppen en eten en vertel ze wat er op hun bord ligt.
  6. Zorg voor vaste patronen en routine bij  lichamelijke verzorging en aankleden. Stop kleding die vies is meteen in de was, zo blijft duidelijk welke kleren schoon zijn en gedragen kunnen worden. Laat iemand zo veel mogelijk zelf doen, dat geeft zelfvertrouwen.
  7. Praat over iets wat je kunt zien, over het nu (het weer, een schilderij aan de muur, de mooie bomen, kleding etc).
  8. Praat over mooie dingen uit het leven van mensen, herinneringen aan vakanties, het werk wat iemand gedaan heeft etc.
  9. Gebaren zeggen soms meer dan woorden.
  10. Doe een handeling voor (mensen doen het dan vaak na: na-apen: Denk aan mee-eten: zien eten doet eten).
  11. Laat mensen doen wat ze zelf kunnen, ook vaardigheden van oude hobby’s (denk aan breien, haken, bouwpaketten maken) bestaan vaak nog.
  12. Een zin tegelijk-wachten-reageren-wachten. Als een dans.
  13. Wees traag in lopen en doen.
  14. Gebruik je intuïtie.
  15. Samen een stukje wandelen en als dat niet gaat in de stoel bewegen. Bewegen stimuleert de doorbloeding van de hersenen en daardoor de alertheid.
  16. Kijk naar het effect van wat je doet en zegt.

(Afbeelding abvv-senioren)